Geschiedenis

De geschiedenis van het ontstaan van de parochie Nieuw-Schoonebeek is voor een groot deel gelijk aan die van het ontstaan van het dorp Nieuw-Schoonebeek. Immers, zo rond het jaar 1800 bestond het gebied, dat nu Nieuw-Schoonebeek heet voor het grootste deel uit uitgestrekte, ontoegankelijke venen met moerassen waar zich geen mensen permanent gevestigd hadden. Nabij het Schoonebeker Diep stonden toen, van het oosten naar het westen, ongeveer twintig booën die van het voorjaar tot het najaar bewoond werden door zo genoemde boo-heren. Zij beweidden in die tijd met hun jongvee de groenlanden langs het Diep, maar verbleven in de wintertijd in hun thuishaven meestal het dorp Schoonebeek. Van een permanente bewoning was dan ook geen sprake.

VERANDERING

In de kwarteeuw na 1800 is in deze situatie heel snel verandering gekomen. Jonge boeren, meestal afkomstig uit het Emsland lieten hun oog vallen op de venen die eigendom waren van Schoonebeker boeren. Zij huurden, en later: kochten, vaak samen met enkele anderen, een boo met de daarbij behorende uitgestrekte veengronden soms tot 200 ha en vestigden zich daar op. Met de teelt van boekweit en in mindere mate aardappelen probeerden zij op deze veengronden een bestaan op te bouwen.


KERK
Gedurende de eerste jaren na hun vestiging in het Booëndorp was het "behoren tot een kerk" voor die nieuwe bewoners nauwelijks een vraag. Zij die afkomstig waren uit het Emsland, dat sinds 1815 tot het Koninkrijk Hannover behoorde, waren zonder uitzondering Rooms-Katholiek en zij "kerkten" dus in het nabij gelegen Twist. De weinige nieuwkomers van Gereformeerde huize, die meest uit Schoonebeek kwamen, gingen uiteraard daar ter kerke.

APARTE GROEP
Met het toenemen van het aantal vestigingen door Rooms- Katholieken in Nieuw Schoonebeek vormden zij in de parochie Twist toch steeds meer een aparte groep. Zij hadden ook andere rechten en verplichtingen dan de Twisters. Zo moesten zij, bij de geboorte van een kind, niet alleen en in de eerste plaats zorgen dat het kind gedoopt werd in de R.K. kerk te Twist, maar bovendien moest van de geboorte aangifte worden gedaan in het gemeentehuis in het verre en onbekende Dalen. De Twisters hoefden zoiets niet, want met de val van Napoleon in 1815 was in het Koninkrijk Hannover de burgerlijke stand ook meteen weer afgeschaft. Hetzelfde deed zich voor als er iemand was overleden. Ook daarvoor moesten de Nieuw Schoonebekers de verre reis naar Dalen maken terwijl de Twisters konden vol­staan met een bezoek aan de pastoor.

Een ander voorbeeld is de omstandig­heid dat een Nieuw-Schoonebekers niet kon worden gekozen als lid van de "Kirchen-Vorstand" (te vergelijken met een kerkbestuur) in de parochie te Twist. Zij woonden immers in Nederland en vielen dus niet onder de juris­dictie van de bisschop van Minster (later: Osnabruck).Heel formeel hoorden de Nieuw Schoonebekers tot de "statie" (parochie) Coevorden, maar met de pastoor aldaar hadden zij aanvankelijk geen of nauwelijks contact. Maar ook dat zou, zoals we nog zullen zien, snel veranderen. Trouwens, het halfslachtig behoren tot de parochie in Twist zorgde voor wel meer eigenaardigheden.

Zo was er ook op Hannoveraans gebied geen goede weg naar de kerk, maar er moest door de Nieuw Schoonebekers een flinke omweg worden gemaakt via een weg die ook nog heel vaak niet begaanbaar was. Wie moest voor een oplossing zorgen De Twisters hadden er geen belang bij en de Nieuw-Schoonebekers waren niet bevoegd. Ook de kinderen gingen naar school in RÜhler Twist, maar de kosten van de school werden door de parochie betaald en juist die kosten of liever de bijdragen daarin vormden een probleem. Als namelijk een Nieuw Schoonebeker niet wenste bij te dragen kon zijn aandeel niet worden ingevorderd door de "Amtsvogt" deze had immers in Nederland geen bevoegdheid. Kortom, het werd zo langzamerhand tijd dat er eens een paar goede afspraken over en weer werden gemaakt en dat kreeg de aandacht.

Copyright © 2017 Immanuel Parochie  -  Powered by CouchCMS